22 september 2026 · 5 minuten lezen
Een slinger van oud inpakpapier die scheef mag zijn
Van restjes inpakpapier en tijdschriften maak je in een half uur een slinger. Vouw de vlaggetjes over het touw en niet eraan, en laat het sjabloon in de lade.
Een memoryspel van eigen foto's maak je op één avond. Acht paren is genoeg, zes bij zes centimeter is de goede maat en de achterkanten moeten identiek zijn.
· 5 minuten lezen · door Serge Lafort
Een memoryspel van je eigen foto's is een van de weinige knutselprojecten die je in één avond af krijgt en die daarna maandenlang meegaat. Je hebt er weinig voor nodig: wat foto's van je telefoon, gewoon printpapier, een stuk karton, een lijmstift en een schaar. Het enige waar je vooraf een beslissing over moet nemen, is hoe groot je het maakt. En daar gaat het bij de meeste mensen mis, want de verleiding om vijfentwintig mooie foto's te gebruiken is groot.
Wij vinden zestien kaartjes, dus acht paren, het juiste aantal voor een eerste zelfgemaakt memoryspel. Bij dertig paren liggen er zestig kaartjes op tafel, een lap van bijna een meter breed, en een kind van vier haakt daar halverwege af. Het duurt te lang voordat het eerste paar valt, het overzicht is weg, en dan gaat het spel over in kaartjes omdraaien zonder doel. Met acht paren duurt een potje ongeveer vijf tot tien minuten. Dat is precies lang genoeg om spannend te worden en kort genoeg om er meteen nog een te willen.
Er zit nog een tweede voordeel aan dat aantal. Zestien kaartjes leg je in vier rijen van vier, en dat past op een gewone eettafel of zelfs op de vloer naast de bank. Een kind kan bij alle kaartjes met de hand komen zonder op te staan. Zodra je moet gaan schuiven en reiken, verliest een jong kind het beeld van waar de kaartjes lagen, en dat beeld is nu juist het hele spel.
Wordt het te makkelijk, en dat gebeurt sneller dan je denkt, dan maak je er later een tweede setje van acht paren bij. Twee sets van zestien die je kunt combineren tot vierendertig kaartjes werken beter dan één grote set die je nooit helemaal op tafel legt. Voor een kind van zes of zeven zijn zestien paren prima, maar begin daar niet.
Dit is het advies dat het meeste verschil maakt en dat het vaakst wordt overgeslagen. Een memoryspel werkt op herkenning in een halve seconde. Een kind draait een kaartje om, ziet iets, en moet dat kunnen vasthouden in zijn hoofd. Een groepsfoto van een verjaardag met elf mensen erop is daarvoor onbruikbaar, want er is niets om te onthouden behalve "een foto met veel mensen". Twee van zulke kaartjes lijken op elkaar en het spel wordt frustrerend.
Kies dus opa in beeld, groot, alleen. De hond op de bank. De rode step in de gang. Het konijn. De juf, als je toestemming hebt. De strandtent van vorig jaar. Zoom in tot het onderwerp het grootste deel van het vlak vult en snijd de rest weg. Wissel bovendien af in kleur en achtergrond: acht foto's die allemaal in dezelfde woonkamer met dezelfde bank op de achtergrond zijn genomen, zijn moeilijker te onderscheiden dan je vermoedt. Een paar buitenfoto's ertussen helpt.
Neem gerust ook dingen op die geen mensen zijn. Kinderen vinden hun eigen laarzen of hun eigen bord met pannenkoeken vaak even leuk als familieleden, en het geeft je meer variatie in vorm en kleur.
Zet je acht foto's in een tekstdocument, twee keer elk, dus zestien afbeeldingen, en maak ze allemaal even groot. Ongeveer zes bij zes centimeter is een goede maat: groot genoeg voor kleine handen om vast te pakken en om te draaien, klein genoeg om er zestien van naast elkaar te leggen. Kleiner dan vijf centimeter wordt lastig voor een kleuter, groter dan acht centimeter neemt te veel tafel in beslag. Print op gewoon papier; fotopapier is niet nodig en plakt bovendien minder goed.
Dan het karton. Papier alleen is te dun: je kijkt er tegen het licht doorheen en dan zie je de foto al voordat je het kaartje omdraait. Het karton van een pak ontbijtkoek werkt uitstekend, net als een schoenendoos of de zijkant van een cornflakesdoos. Plak de geprinte vierkantjes met een lijmstift op het karton, druk ze goed aan vanuit het midden naar de randen, en knip ze daarna pas uit. Als je eerst het karton knipt en dan de foto erop legt, krijg je scheve randjes en overstekend papier.
Hier zit de fout die je pas ontdekt als je al aan het spelen bent. Als de achterkanten van je kaartjes niet identiek zijn, verraden ze zichzelf. Een kras, een vouw, een stukje tekst van het pak ontbijtkoek dat op één kaartje net iets anders loopt, een hoekje dat scheef is geknipt: een kind van vijf ziet dat sneller dan jij en onthoudt het. Dan speel je geen memory meer, dan speel je zoek-de-vlek.
Snijd daarom al je kaartjes uit hetzelfde stuk karton, met de bedrukte kant naar binnen zodat de buitenkant overal de kale grijze of bruine kartonkleur is. Zit er toch drukwerk op, plak dan zestien vierkantjes effen papier op de achterkant, allemaal uit hetzelfde vel. Knip zo recht mogelijk, en gebruik liever een liniaal en een mesje op een snijplank dan een schaar uit de vrije hand. Controleer aan het eind je stapel door hem om te draaien en er als een pak kaarten doorheen te bladeren. Springt er eentje uit, vervang die dan meteen, want tijdens het spelen ga je dat niet meer doen.
Reken op ongeveer veertig minuten werk als je de foto's al hebt uitgezocht. Wil je dat de kaartjes langer meegaan dan een paar maanden, dan kun je ze aan de voorkant met brede plakband afdekken, maar houd er rekening mee dat dat glimt en dat het bij vochtige handen alsnog gaat krullen.
Leg de kaartjes in vier rijen van vier, met ruimte ertussen, en speel de eerste ronde met open kaarten als je kind nog jong is. Laat het gewoon de paren zoeken die zichtbaar zijn en benoem intussen wie of wat erop staat. Draai daarna alles om en speel normaal. Bij een kind van vier mag je best een paar keer opnieuw kijken zonder dat het spel meteen voorbij is; de regel dat je bij een misser direct de beurt kwijt bent, kan er later bij. En kondig aan dat je na afloop stopt, ook als het leuk was, want een memoryspel dat ophoudt terwijl het nog leuk is, komt de volgende dag weer op tafel.
Kinderen blijven bij foto's van hun eigen leven vaak veel langer doorspelen dan bij getekende plaatjes, simpelweg omdat er bij elk kaartje iets te vertellen valt over wie dat is of waar dat was. Dat is de reden waarom wij dit project boven een gekocht spel zetten, hoe scheef je randjes ook worden. Wil je het knippen en plakken liever overslaan, dan staan er ook kant-en-klare memoryspellen in onze winkel.
22 september 2026 · 5 minuten lezen
Van restjes inpakpapier en tijdschriften maak je in een half uur een slinger. Vouw de vlaggetjes over het touw en niet eraan, en laat het sjabloon in de lade.
15 september 2026 · 5 minuten lezen
Zo maak je van een schoenendoos een schatkist met een bol deksel, een touwsluiting en een slotje. Het scharnier zit aan de binnenkant, en dat is het belangrijkste deel.
8 september 2026 · 5 minuten lezen
Hoe je met een touwtje en een groot vel papier een ganzenbord van vijfendertig vakjes maakt, en waarom de kinderen de bijzondere vakjes moeten bedenken.
1 september 2026 · 5 minuten lezen
Een zelfgemaakte dobbelsteen is bijna altijd scheef. Met een kruismodel van zes vierkanten van drie centimeter en zestig testworpen kom je een heel eind.
29 augustus 2026 · 5 minuten lezen
Op een regendag is er zelden niets te doen. Het probleem is dat jij moet kiezen op het moment dat je geen ruimte hebt. Dat los je van tevoren op.
29 augustus 2026 · 6 minuten lezen
Een piratenmiddag van ongeveer twee uur voor kinderen van vier tot acht, met tijden per onderdeel en een schatzoektocht als hoogtepunt.