Blog

Een schatkist van een schoenendoos die echt open en dicht gaat

Zo maak je van een schoenendoos een schatkist met een bol deksel, een touwsluiting en een slotje. Het scharnier zit aan de binnenkant, en dat is het belangrijkste deel.

· 5 minuten lezen · door Serge Lafort

Een schatkist is het eindpunt van iets. Je graaft hem op uit de zandbak, je vindt hem achter de bank, iemand wijst naar de kast en dan staat hij daar. Dat werkt alleen als het ding er ook uitziet als een kist. Een schoenendoos met een plat deksel erop blijft een schoenendoos, hoe mooi je hem ook verft. Het verschil zit in de bolle bovenkant, en die maak je in een kwartier van een strook karton.

Ons standpunt hierbij is misschien wat onromantisch: de kist hoeft niet mooi te zijn. Hij moet dicht kunnen en open kunnen, twintig keer achter elkaar, zonder dat er iets scheurt. Een prachtig beschilderde kist waarvan het deksel er bij de derde keer afvalt, is mislukt. Een scheve kist met een goed scharnier gaat een half jaar mee. Daarom staat het saaie deel hieronder vooraan.

Het bolle deksel

Neem een schoenendoos van ongeveer dertig bij achttien centimeter en leg het bijgeleverde platte deksel weg; dat heb je niet meer nodig. Je hebt een strook stevig karton nodig, het liefst golfkarton uit een verhuisdoos, van dertig centimeter breed en ongeveer achtentwintig centimeter lang. Die achtentwintig centimeter overbrugt de achttien centimeter tussen de twee lange zijkanten van de doos, en wat je overhoudt, wordt de welving.

Let op de richting van de golf in het karton. Als je met je nagel over het oppervlak gaat, voel je de ribbels lopen. Die ribbels moeten evenwijdig lopen aan de dertig centimeter, dus met de lengte van de doos mee, want dan buigt het karton de goede kant op. Buig je tegen de ribbels in, dan knakt het en krijg je een hoekige tunnel in plaats van een boog. Rol de strook een paar keer om een bezemsteel of trek hem over de rand van de tafel, zoals je met cadeaulint doet. Doe dat rustig en in meerdere rondjes, dan onthoudt het karton de vorm.

Zet de boog met een strook plakband vast aan de buitenkant van de ene lange zijde, druk hem in vorm en plak de andere kant vast. De uiteinden van de doos zijn nu nog open, als een tunnel. Leg de doos op zijn kant op een stuk karton, teken de halve maan die je ziet na en knip twee van die vormen uit, een halve centimeter ruimer dan de lijn. Die plak je van binnenuit tegen de kopse kanten van de boog. Nu heb je een kist.

Het scharnier, en waarom het aan de binnenkant zit

Hier gaat het bij de meeste zelfgemaakte kisten mis. Als je het deksel aan de achterkant vastplakt met plakband over de buitenkant, dan trekt dat plakband bij elke keer openen aan zichzelf. De buitenrand van een vouw wordt langer, het plakband rekt niet mee en laat los, meestal precies in het midden waar je het niet ziet gebeuren. Plakband aan de binnenkant wordt bij het openen juist naar binnen geduwd en heeft nauwelijks trek te verduren.

Maak het zo. Zet de boog los van de achterste lange zijde, of plak hem daar meteen niet vast, en laat er een paar millimeter ruimte tussen de rand van de doos en de rand van het deksel. Die speling is de vouw. Leg de kist open op tafel met de binnenkant naar boven, en plak een doorlopende strook plakband over de naad, van hoek tot hoek, stevig aangedrukt op het karton aan beide zijden. Sluit de kist, open hem weer en kijk of het plakband meebuigt zonder dat er een bobbel ontstaat. Zet er eventueel aan de buitenkant nog een korte strook overheen voor de netheid, maar dat is versiering, geen constructie. Het werk gebeurt binnen.

Voor de zekerheid kun je aan de binnenkant van de voorkant twee stukjes karton van drie centimeter plakken die net boven de rand uitsteken. Daar valt het deksel tegenaan, zodat het niet naar binnen zakt als er iemand op leunt.

Verven of beplakken

Bruin of donkergroen plakkaatverf in twee lagen is het snelst, en als je de tweede laag droog aanbrengt met een bijna lege kwast, krijg je vanzelf houtnerf. Kinderen van een jaar of zes doen dat prima zelf. Beplakken met pakpapier ziet er strakker uit, maar is lastiger op de boog, omdat papier niet in twee richtingen mee wil. Wie dat toch wil, doet er goed aan het papier in stroken van vijf centimeter over de welving te leggen. Beslagwerk maak je van repen zwart papier of van aluminiumfolie, over de hoeken heen, met punaisekoppen van zwarte stift erop. Laat verf echt drogen voordat je gaat sluiten, anders plakt het deksel vast en scheurt de boel bij de eerste opening alsnog.

De sluiting en een echt slot

De eenvoudigste sluiting is een dopje van een plastic fles met een lusje touw. Maak met een schroevendraaier een gaatje midden in de voorkant van de doos, duw een kleine schroef door het dopje en draai die van buitenaf in het karton, met aan de binnenkant een stukje karton als plaatje tegen uitscheuren. Aan het deksel maak je een lus van dun touw, lang genoeg om net over het dopje te vallen. Draaien, vastzetten, klaar.

Wil je een echt slot, dan koop je bij de bouwmarkt het kleinste hangslotje dat er is. Plak aan de voorkant van het deksel en aan de voorkant van de doos elk een strookje dubbelgevouwen karton met een gat erin, zo dat de gaten boven elkaar liggen als de kist dicht is. Daar gaat de beugel doorheen. We zeggen er eerlijk bij dat dit slot alleen symbolisch is: wie aan het deksel trekt, trekt het karton kapot, sleutel of niet. De waarde zit in het sleuteltje dat je elders moet verdienen, niet in de veiligheid.

Wat erin gaat

Chocolademunten of wasmunten, een ketting van kralen, een steen die op iets bijzonders lijkt, een opgerold briefje met de volgende opdracht, een zakje edelstenen uit de dierenwinkel of gewoon vier ijsjes op een papiertje beloofd. Leg er onderin een oude theedoek of wat gekreukt bruin papier, dan rammelt het niet en lijkt het meer. Een kist die halfvol is, doet het beter dan een kist met één ding erin.

Belangrijker dan de inhoud is wat eraan voorafging. Een schatkist die gewoon op de kast staat is een bewaardoos, en dat mag prima, maar hij komt pas tot leven als er twintig minuten voor gezocht is, met aanwijzingen die kloppen en een laatste hint die net te moeilijk is. Heb je zelf geen zin om die route te bedenken, dan staan er ook speurtochten in onze winkel. De kist maak je er zelf bij, en dat is wat ons betreft het leukste deel.

Verder lezen

Alle stukken